De Wijzen uit het Oosten


Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, tijdens de regering van Herodes, kwamen er magiërs uit het Oosten in Jeurzalem aan. Ze vroegen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Wij hebben namelijk zijn ster zien opgaaan en zijn gekomen om hem eer te bewijzen.’
Matteüs 2,1-2

In het vervolg van het verhaal komen de mannen bij Herodes om inlichtingen. Deze schrikt hevig als hij hoort dat er een nieuwe koning verwacht wordt en laat een onderzoek instellen. De hogepriesters en schriftgeleerden antwoorden dat hij, volgens de profeet, in Betlehem in Juda geboren zal worden. Na een opdracht van Herodes om dit te gaan onderzoeken en daarna terug te komen met de vermelding waar het kind geboren zou worden, gaan ze op stap. Er wordt in het Evangelie niet gesproken over drie magiërs, maar omdat in het vervolg van het verhaal er sprake is van drie gaven (goud, wierook en mirre), heeft men dit aantal op afbeeldingen altijd aangehouden.

Nadat ze geluisterd hadden naar wat de koning hun opdroeg, gingen ze op weg, en nu ging de ster die ze hadden zien opgaan voor hen uit, totdat hij stil bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze dat zagen werden ze vervuld van diepe vreugde. Ze gingen het huis binnen en vonden het kind met Maria, zijn moeder. Ze wierpen zich neer om het eer te bewijzen. Daarna openden ze hun kistjes met kostbaarheden en boden het kind geschenken aan: goud en wierook en mirre. Matteüs 2,9-11

Op onderstaand detail van de Geboorte-ikoon zien we de drie magiërs. De drie mannen uit het Oosten zijn in verschillende leeftijdsfasen afgebeeld. De oudste met de langste baard voorop, daarachter de volgende met een kortere baard en tot slot de baardloze magiër. Bij de voorste is het zichtbaar dat hij iets (een geschenk) onder zijn kleed draagt.

De drie Wijzen

De drie Wijzen

De drie Wijzen

Rond de tiende eeuw veranderen de magiërs in koningen met hofkleding, kroon en diadeem. Waarschijnlijk komt dit voort uit de ‘toepassing’ van Psalm 72, waar koningen uit het Oosten hulde brengen bij de troonsbestijging van de nieuwe vorst (vers 10 en 11). Mogelijk heeft ook de tekst in Jesaja 60 een rol gespeeld. Hier wordt verteld dat koningen met goud en wierook naar Jeruzalem komen om de Heer te erkennen als hun koning.

Het feest van de Openbaring des Heren (Epiphania) ontstond in de Oosterse Kerk in de IIIe eeuw. In de IVe en Ve eeuw werd het opgenomen in de Romeinse liturgie. Onder ons is dit feest het best bekend als Driekoningen.

God openbaart zich op verschillende wijzen. Op deze ikoon wordt de openbaring aan de heidenen geïllustreerd. De magiërs waren heidenen. Men vermoedt dat het Arabieren, Chaldeeërs of Perzen waren. Ze hadden een zekere kennis van astrologie en volgden een ster. Om deze reden dacht Gregorius van Nyssa dat ze zowel landgenoten als afstammelingen waren van de heidense profeet en sterrenwichelaar Bileam.

Ricky Rieter

*De laatste gegevens vond ik in het boek: ‘Gebed in beelden, feestikonen in de oosterse kerken’, onder redactie van A.J. van Aalst en A. Jacobs; uitgeverij Gooi en Sticht, Baarn, 1991.

*Het detail is een deel van de kerstikoon van Novgorod

* Wikipedia: ‘Een magiër is iemand die magie gebruikt. Het gaat dus over iemand die beschikt over bovennatuurlijke krachten en deze ook kan beheersen. Magiërs worden soms ook tovenaars genoemd, maar er blijkt een lichte nuance te zijn. De naam magiër is afkomstig van Magi (< Chaldees Mag), de naam die de Grieken gaven aan de Oude Perzische priesters.

Een Magiër tracht het metafysische om te zetten naar het fysische. Hij doet dit door woorden en rituelen. Het geloof in het metafysische is echter belangrijker dan deze woorden of rituelen.’