Clara van Assisi

Tijdens onze retraites brengen we misschien vaker Franciscus ter sprake dan Clara. Toch is Clara een sleutelfiguur voor de franciscaanse retraites. Zij is het namelijk die zich, nog meer dan Franciscus, terugtrok, een leven lang. En wat is een retraite anders dan je terugtrekken om je te bezinnen op je leven en om je contact met de Ene te vernieuwen?

Op 11 augustus vieren we het feest van Clara. Onderstaand artikel geeft in het kort de lijn van haar leven weer. Elementen van haar spiritualiteit komen, waar de lezingen daar aanleiding toe geven, meer in detail ook tijdens de retraites ter sprake.

Wie was Clara?

Clara is een dochter van ridder Bernardino Favarone di Offreduccio en van vrouwe Ortolana Favarone. Ze staat bekend als Clara van Assisi. Ze leefde van 1193/1194 tot 1253. Clara was dus een tijdgenoot van Franciscus, die leefde van 1181/1182 tot 1226.

Deze jonge vrouw heeft aan de wieg gestaan van een krachtige beweging binnen de middeleeuwse kerk, een beweging die parallel liep met de stroom die door Franciscus op gang gekomen is. Ze was geen zwak aftreksel van hem, al noemde ze zichzelf wel het plantje van Franciscus en al zou het verkleinwoord ‘plantje’ kleinerend opgevat kunnen worden. Nee, ze was even krachtig als haar grote voorbeeld, maar ze ontwikkelde zich in andere vormen, zonder ooit het contact te verliezen met haar geestelijke vader. Zoals de aardbeienplant, die toch heel klein is, veel uitlopers heeft, zo is het ook gegaan met de geestelijke familie die uit Clara’s spiritualiteit is voortgekomen. Ook tijdens haar leven waren er al vele volgelingen en werden er gemeenschappen gesticht in het buitenland.

Clara met plant

Clara, een lichtgevende naam

De naam die Clara kreeg toen ze gedoopt werd, was geen toevallig modeverschijnsel of een bekende familienaam. De verhalen vertellen hoe haar moeder Ortolana vóór de bevalling nogal bezorgd was over het verloop. Ze zag tegen de moeilijke uren op. Ortolana was een gelovige vrouw, die in haar jonge jaren een grote vastberadenheid aan de dag had gelegd. Vanuit een diep religieus bewustzijn was ze meerdere keren op pelgrimstocht geweest, tochten die niet zonder gevaren waren. Nu het uur van de geboorte naderde, scheen Ortolana even iets van die dapperheid verloren te hebben. Ze ging naar de kerk en zocht in de stilte van haar hart bemoediging en troost. Vanuit die levende bron in haarzelf vond ze toen een antwoord dat klonk als een belofte: ‘Je zult een kind ter wereld brengen dat als een nieuwe ster de hele wereld helder zal verlichten’.

Ortolana voelde zich opgelucht en ging daarop vol vertrouwen naar huis. Bij de geboorte noemden Ortolana en Bernardino hun dochter Chiara (in het Latijn ‘Clara’, dit betekent Lichtende), hopend dat de belofte die Ortolana in haar binnenste gehoord had, in vervulling zou gaan. Op welke wijze ze zou gaan stralen was nog helemaal niet duidelijk. Uit het vervolg zou blijken dat het zowel in de verborgenheid gebeurde door de wijze waarop ze leefde, als in de openbaarheid door wat van haar leven zichtbaar was naar buiten. Haar licht heeft zich namelijk verspreid door alle tijden heen tot op de dag van vandaag.

De opvoeding

Een adellijk meisje uit die tijd kreeg een uitstekende opvoeding. Ze mocht studeren. Waarschijnlijk kreeg ze les aan huis. Clara kende bijvoorbeeld Latijn. Maar een adellijk meisje kreeg weinig of geen ruimte om zich te ontwikkelen naar haar totale aanleg. Ze zou moeten beantwoorden aan een bepaald verwachtingspatroon. Ze moest vooral klaargemaakt worden voor het huwelijk en voor het bestuur van een hofhuishouding. Meisjes waren geroepen om de man dienstbaar te zijn, goede maaltijden te kunnen prepareren, de man te behagen, kinderen te baren.

Een diep verlangen

Clara ervoer echter al vroeg een zekerheid in zichzelf dat ze tot iets anders geroepen was. Ze hield zich bescheiden op de achtergrond en koesterde andere verlangens. Verlangens die nog geen vaste vorm hadden aangenomen, maar zoekend in haar binnenste aanwezig waren.

Wat partnerkeuze betreft, daar zou ze zelf toch niets over te zeggen hebben gehad. De partner werd door het hoofd van de familie uitgekozen. Het eigen bezit moest beschermd worden. Een beslissing van haarzelf en het volgen van eigen hart, zat er zonder meer niet in. Lange tijd voordat ze de huwbare leeftijd had, waren al meerdere huwelijkskanditaten voorgesteld door de familie, maar volgens de getuigen, die gehoord werden bij het Proces van de heiligverklaring, zou Clara categorisch met grote beslistheid geweigerd hebben om aandacht aan de voorstellen te geven. Al wist ze nog niet hoe haar leven lopen zou, over één ding had ze wel zekerheid: ze wilde niet trouwen.

Karakter en verborgen binnenkant

De kracht van het karakter lijkt Clara van haar ondernemende moeder gekregen te hebben. Ondanks het feit dat Ortolana ondernemend was, was zij ook, door de structuren van de tijd, de ondergeschikte van haar eigen man en de familie. Clara kwam waarschijnlijk niet op de gedachte om haar moeder in vertrouwen te nemen rond de diepere verlangens die ze koesterde. En zeker al niet toen ze, op een later tijdstip, op het spoor van Franciscus kwam. Alles wat in stille uren heel langzaam vorm begon te krijgen, was zo totaal anders dan hetgeen haar ouders voor haar op het oog hadden. Clara voorzag dat ze nooit ofte nimmer toestemming zou krijgen om Franciscus te volgen op de manier die zeer ver afstond van de adellijke wereld.

Clara ontdekt Franciscus

Toen Clara Franciscus ontdekte, prekend voor of in de San Rufino, de kerk die vlak bij haar woonhuis stond, werd ze diep getroffen door deze man, die met een vuur en groot elan verwoordde waar het in het leven om ging: niet om macht, niet om pronkzucht, niet om bezit, maar enkel en alleen om de navolging van Christus. Die Francesco kon het vertellen met zo’n gave eenvoud en zo’n oprechtheid dat Clara er vanbinnen helemaal warm van werd. Zijn woorden waren als pijlen, precies in de roos van haar verlangend hart. Vanaf dat moment liet hetgeen haar geraakt had, Clara niet meer los. Ze wilde Franciscus spreken, met hem praten over al wat hem bewoog. Hoe ze het voor elkaar kreeg om in het geheim telkens afspraken met hem te maken, is me een raadsel, maar liefde blijkt vindingrijk. Het lukte haar. De weg opende zich en Clara werd ‘verliefd’, niet op Franciscus, maar op zijn leefwijze, het totale engagement. Ze zou alles op alles zetten om in zijn voetsporen te treden, al wist ze bij voorbaat dat het een bijna onmogelijk experiment was. Wie moest ze in vertrouwen nemen? Wie zou haar kunnen helpen? Niet haar ouders, maar wie dan wel?

Het vervolg van dit verhaal hebben we beschreven rond Palmzondag. Zie de beschrijving in het artikel Clara en het palmtakje.

Clara, een vastberaden vrouw

In het artikel ‘Clara en het palmtakje’ kunnen we lezen dat Clara al heel jong in staat was om haar eigen weg te gaan. Ze had een vastberaden karakter. De wijze waarop ze er op Palmzondag stilletjes vandoor ging is tekenend voor haar. Waarschijnlijk zou ze het wel liever anders hebben gedaan, meer in overleg, want ook die kwaliteiten bleek ze in zich te hebben. Dat zien we in haar latere leven als ze veel volgelingen heeft. Maar met overleg zou het haar nooit gelukt zijn om deze weg te kiezen. Dit begrijpen we uit de reactie van de familie na de ontdekking van haar vlucht. Haar vastberadenheid komt ook sterk tot uitdrukking in de hele geschiedenis rond het verkrijgen van zekerheid dat de armoedebeleving in de meest strikte zin nooit in het gedrang zou komen.

Krachtig tegenover bisschoppen, kardinalen en pausen

De kerkelijke overheid had grote bewondering voor Clara. Dat was één zijde van de medaille. De andere was dat ze deze levenswijze eigenlijk te gek voor woorden vonden, te onveilig, te afhankelijk makend, te kwetsbaar, temeer daar zij zagen hoe serieus Clara en haar zusters met het armoedebeginsel omgingen, hoe elementair ze leefden, hoe streng ze vastten.

Clara, van haar kant, had een groot respect voor de kerkelijke overheid, een eigenschap die ze gemeen had met Franciscus. Toch verloor ze haar krachtig bewustzijn rond haar roeping niet als de paus of de bisschoppen haar een andere vorm van leven aanraadden. Ze sprak met hen op vriendschappelijke wijze, maar ze liet zich niets aanpraten. We zien dit in de lange weg die ze aflegt om tot de uiteindelijke erkenning van de Regel te komen. Jarenlang heeft Clara ervoor gestreden dat haar eigen Regel goedgekeurd zou worden. Kern daarvan was het leven zonder bezit. Steeds opnieuw drongen de kerkelijke autoriteiten haar regels op waarin Clara en haar zusters wél bezit zouden hebben. Uiteindelijk overwon Clara’s standvastigheid: twee dagen voor haar dood keurde de paus haar Regel goed.

Een dienende weg

Bisschop Guido en Franciscus hadden erop aangedrongen dat Clara de titel van abdis zou aanvaarden. Eigenlijk wilde Clara dit niet. Die titel veronderstelde een superioriteit ten opzichte van de zusters van de gemeenschap. Clara wilde echter niet boven de zusters staan, maar te allen tijde dienstbaar zijn voor ieder die haar nodig had. Toch heeft ze die titel uiteindelijk wel aanvaard. Haar houding en haar gedrag werden er niet anders om. Ze zag zichzelf als dienares van allen, naar het voorbeeld van de dienende Christus. Clara maakte ook geen onderscheid tussen de verschillende standen. Iedereen was gelijk aan de ander, ontwikkeld of niet, van adel of gekomen uit het gewone volk, er werd geen enkel onderscheid gemaakt. Ook liet zij alle zusters meepraten over dingen die van algemeen belang waren.

Het ‘plantje’ en de ‘plant’

Clara was een geestelijke dochter van Franciscus. Ze heeft op eigen wijze vorm gegeven aan zijn spiritualiteit, die samenviel met de hare. Het voornaamste verschil betrof het feit dat Clara op haar plek in San Damiano biddend aanwezig bleef en dat Franciscus, naast zijn stille momenten in de kluizenarijen, ook de roeping had rond te trekken om te prediken. Het ‘plantje’ is een grote en rijk bloeiende en vruchtdragende plant geworden binnen de franciscaanse familie.

Een bijzondere pelgrim

Clara ‘trok rond’ in haar binnenkamer. Bij haar sterven werd in een kerkelijke rondzendbrief vermeld dat zij de pelgrimstocht van haar leven volbracht had.

In gebed was ze Franciscus steeds nabij. Dat ze een grote steun was voor hem, blijkt onder andere uit het verhaal over de twijfel van Franciscus of hij zich helemaal aan het gebed moest wijden of ook moest gaan prediken. Hij wilde via het gebed van broeder Silvester en zuster Clara Gods wil leren kennen. Beiden kwamen tot hetzelfde antwoord (zie Fioretti 16).

Clara was een bemoedigende en sterke figuur, die ook in deze tijd ons kan helpen om ons actieve leven zo te beleven dat het beschouwende element daarin steeds meer aanwezig is. Want al bleef Clara haar leven lang in San Damiano, dat betekende niet dat ze niet hoefde te werken. Ook bij een beschouwend leven wordt er vaak hard gewerkt, maar wel zodanig ‘dat de geest van gebed niet gedoofd wordt’, zoals in de Regel van, zowel Franciscus als Clara, staat.

Ricky Rieter

Voor lectuurverwijzing, zie onder het artikel Clara en het palmtakje, dat ook op deze site staat.

Voor degenen die geïnteresseerd zijn in het verloop van de strijd om de goedkeuring van de Regel, verwijzen we naar de pagina Het recht om arm te mógen leven.

Dit alles is een wat gewijzigde samenvoeging van drie artikelen die in ‘De Roep van de weg’ hebben gestaan, tijdschrift van de Tochtgenoten van Sint Frans.