De geboorte van Johannes de Voorloper

Op 24 juni wordt het feest gevierd van Johannes de Voorloper, ook wel Johannes de Doper genoemd. ‘Johannes de Voorloper’ is de naam die in de Orthodoxie gebruikt wordt, omdat het zijn roeping en functie was om voor Christus uit te lopen, Hem aan te kondigen als de Verlosser. Dat Johannes bij zijn bekeringswerk ook mensen gedoopt heeft is in de orthodoxe visie enigszins bijkomstig.

Vandaag kijken we echter niet zozeer naar de roeping en functie die hij in zijn latere leven had, maar naar de tijd rond de geboorte. De naamgeving wordt op deze ikoon afgebeeld. Van heiligen wordt doorgaans de sterfdag gevierd. Bij Maria en Johannes de Voorloper (ook) de geboortedag.

Toen de dag van haar bevalling was aangebroken, bracht Elisabet een zoon ter wereld. Haar buren en verwanten hoorden hoe barmhartig de Heer voor haar was geweest, en ze verheugden zich samen met haar. Op de achtste dag kwamen ze het kind besnijden, en ze wilden het Zacharias noemen, naar zijn vader. Maar zijn moeder zei: ‘Nee, Johannes zal hij heten!’ Ze zeiden tegen haar: ‘Er is niemand in je familie die zo heet.’ Ze beduidden zijn vader te laten weten hoe hij het kind wilde noemen. Hij vroeg om een schrijftablet en schreef erop: ‘Johannes is zijn naam.’ Iedereen was verbaasd. En meteen werd de verlamming van zijn mond en zijn tong ongedaan gemaakt, en hij begon te spreken en loofde God. Alle omwonenden waren diep onder de indruk, en in heel het bergland van Judea werden deze gebeurtenissen besproken. Ieder die het hoorde bleef erover nadenken, en vroeg zich af: Hoe zal het verder gaan met dit kind? Want de machtige hand van de Heer beschermde hem.
Lucas 1,57-66

Een bijzondere geboorte

In veel Bijbel- en apocriefe verhalen komt een bijzondere geboorte voor. Denken we aan Sara. Hoe werden zij en Abraham beproefd. De belofte van God dat er een nageslacht zou komen dat talrijker was dan de sterren aan de hemel, hoe kon die toch in vervulling gaan? Sara was negentig, een leeftijd waarop men normaliter werkelijk niet meer op een kind rekent. Toch ontving ze Isaak, de zoon van de belofte. Denken we aan Hanna, die er bijna hopeloos van werd dat ze niet in verwachting raakte. In de tempel bad ze op zo’n dringende wijze dat de aanwezige priester dacht dat ze te veel gedronken had. Maar haar gebed werd verhoord. Zij en haar man Elkana ontvingen een zoon, en noemden hem Samuël. Als een vrouw geen kinderen voortbracht, werd dat gezien en ervaren als een schande.

Denken we aan Joachim en Anna, de ouders van Maria. Lang hebben ze op een kind moeten wachten. Volgens het apocriefe verhaal groeiden ze zelfs uit elkaar, juist omdat er uit hun verbintenis nog maar steeds geen kind geboren werd en ze daar allebei erg onder leden. Onvruchtbare moeders horen bij het mysterie van de werken Gods. Wij mensen kunnen geen kinderen ‘maken’, het is nog altijd Gods scheppingswerk, waarin wij mogen participeren. En Hij is het die in deze verhalen het kind tot ontstaan roept in omstandigheden die niet natuurlijk zijn. De verhalen zijn er om dat duidelijk te maken.

Twee geboorte-ikonen

Geboorte van Johannes Geboorte van Maria

We zien hier twee ikonen die veel op elkaar lijken. Op de eerste is de geboorte van Johannes uitgedrukt, op de andere de geboorte van Maria. Op de eerste ikoon staan wat minder bijkomstigheden. We zien maar één vrouw die bij de geboorte aanwezig is. Ook zien we maar één keer de vader en de moeder afgebeeld. Verder ontbreken de spinnende vrouw (onderaan rechts) en de gedekte tafel. En er is geen neerdalende engel. Toch is de globale opzet van de twee ikonen hetzelfde. We zien een vrouw die gebaard heeft en in aandacht haar kind in de schommelwieg beschouwt.

En meer dan dat zullen beide vrouwen gezien hebben bij het beschouwen van de pasgeborene. Het betreft bij beide ikonen een kind dat op de drempel van een nieuwe tijd staat, een kind dat de verbinding maakt tussen het Eerste en het Nieuwe Verbond, een kind dat de verlossing aankondigt, respectievelijk de Verlosser ter wereld zal brengen. Typisch is dezelfde handhouding van Anna en Elisabet. Het hoofd steunt op de linkerhand, misschien een teken van reflectie. Op beide ikonen zien we een rode doek. Deze kan verschillende betekenissen hebben. Onder andere dat de Geest op bijzondere wijze aanwezig en werkzaam is bij het gebeuren. Bijzonder is het dat op de ene ikoon de doek maar halverwege reikt, en op de tweede ikoon de hele bovenkant bedekt is. Als beschouwer zou je je af kunnen vragen of de schilder van de geboorte van Johannes daar iets mee heeft willen zeggen.

Wat me verwondert is dat Zacharias, die op het schrijftablet de naam van Johannes schrijft, niet omringd is door verdere familie en buren, zoals wel in het verhaal te lezen is. Misschien om er de nadruk op te leggen dat hij hier iets heel belangrijks opschrijft. De naam Johannes betekent ‘De Heer is genadig’. Dat dit zijn ervaring was komt ook volop tot uitdrukking in de Lofzang van Zacharias (Lucas 1,68-79). Het is de lofzang die elke morgen in het kerkelijk getijdengebed wordt gebeden.

Slot van de Lofzang van Zacharias

Dankzij de liefdevolle barmhartigheid van onze God
zal het stralende licht uit de hemel over ons opgaan
en verschijnen aan allen die leven in duisternis
en verkeren in de schaduw van de dood,
zodat we onze voeten kunnen zetten op de weg van de vrede.
Lucas 1,78-79

Die weg van vrede wensen we ieder toe!
Ricky Rieter

Mijn meditatie over de ikoon van Maria’s geboorte is ook te lezen in het ikonentijdschrift Eikonikon nr. 85, september 2004